• Standpunt

Wat als bewoners bepalen wat erfgoed is?

_DSC1083

Je kent de plekken wel: de buurttuin waar je als kind speelde met buurtkinderen. Het buurthuis waar een vage kennis je beste vriend werd. Goede verhalen liggen voor het oprapen op onze gemeenschapsplekken. Maar wie bepaalt welke plekken van waarde zijn? En wie beslist wat er met de plekken gebeurt?

Deze vragen raken aan erfgoed. Erfgoed gaat namelijk niet alleen over monumenten en tradities, maar ook over het gebruik, de herinneringen en de betekenissen die aan plekken worden toegekend. In 2024 ondertekende Nederland het Verdrag van Faro van de Raad van Europa. Daarin staat dat er ruimte moet zijn voor nieuwe vormen van erfgoed, waarin mensen zélf betekenis geven aan wat erfgoed is en hoe het beheerd wordt.

Met andere woorden: plekken die betekenisvol zij, verdienen bescherming, aandacht en zorg. Het Verdrag van Faro biedt daarom niet alleen een denkrichting. Het geeft ook ruimte aan bewoners om gemeenschapsplekken te beschrijven en te waarderen, en op die manier bij te dragen aan het behoud en de ontwikkeling van erfgoed. Daarmee kan erfgoed een aanjager van verbinding in gemeenschappen zijn.

Actieve bewoners bepalen erfgoedwaarde

Maar hoe breng je de waarde van plekken die voor bewoners belangrijk zijn in beeld? Vanuit de principes van het Verdrag van Faro zijn bewonersgroepen op onderzoek gegaan. Ze brachten plekken in kaart die voor hen van waarde zijn. Twee initiatieven deden dit in geliefde moestuinen en parken. Ze verdedigden plekken die in de toekomst mogelijk zullen veranderen of verdwijnen. Twee andere initiatieven verzamelden erfgoedverhalen uit hun buurten en brachten deze op eigen wijze in beeld.

Afbeelding13

Benieuwd naar de verhalen? Onderaan dit stuk vind je en verzameling van al hun ervaringen en tips.

Op alle locaties werd duidelijk dat deze manier van waarderen botst met de manier waarop erfgoedwaarde doorgaans wordt vastgesteld en meeweegt in besluitvorming. Want ondanks uiteenlopende onderzoeksvragen liepen alle bewonersgroepen tegen dezelfde uitdaging aan: bewoners krijgen geen duurzame plek aan de tafels waar beslissingen worden genomen over collectief erfgoed.

De kracht van de vier initiatieven zit in het gegeven dat ze niet bij de pakken neer zijn gaan zitten, maar uit eigen initiatief verhalen verzamelden en deelden. Daarmee wisten zij toch het belang van de betekenisvolle plekken aan te kaarten. Het zelf oppakken van het onderzoek levert dus veel op.

Toch hebben zij alle vier ervaren dat er een gat viel tussen rijkdom aan lokale kennis en betrokkenheid enerzijds, en de formele besluitvorming en procedures anderzijds. Daardoor blijven inzichten uit de buurt vaak vrijblijvend en ontbreken blijvende afspraken of ondersteuning.

 

Een uitnodigend bestuur

Er is dus nog een weg te gaan om het Verdrag van Faro in de praktijk te brengen. Dat actieve bewoners over zelforganiserend vermogen beschikken, is duidelijk. De vraag is hoe de overheid zich daartoe verhoudt. Hierin ligt een kans voor gemeenten om te bouwen aan een uitnodigend bestuur. Geef actieve bewonersgroepen ruimte om vorm te geven aan en mee te beslissen over de plekken die zij belangrijk vinden en dagelijks gebruiken. Zie hun ideeën niet als obstakel, maar als kans om bij te dragen aan een sterkere gemeenschap.

Als gemeenten bewoners meer ruimte willen geven, vraagt dat ook om professionals die deze een brug kunnen slaan tussen belevingswereld en beleid. Hier ligt een belangrijke kans voor erfgoedprofessionals. Hun kennis wordt nu vooral ingezet binnen de traditionele erfgoedpraktijk, terwijl erfgoedvraagstukken zich ook afspelen op andere terreinen, waaronder vastgoedontwikkeling, de inrichting van de openbare ruimte, het sociale domein en binnen welstandscommissies. Met het verdrag van Faro in de hand kunnen zij gewicht geven aan erfgoedvraagstukken in de openbare ruimte. Zo slaan zij een brug tussen lokale betrokkenheid en beleid, en dragen zij eraan bij dat de waarden van het Verdrag van Faro daadwerkelijk worden uitgevoerd. Want erfgoed is levend en in beweging.

 

Juridische verankering voor gemeenschapsplekken

Het Verdrag van Faro is een kaderverdrag. Er hangen geen directe juridische verplichtingen aan, maar het is wel een oproep tot beleidsvorming. Ons advies: ontwikkel uitnodigend beleid dat actieve de ruimte geeft om gemeenschapsplekken mede vorm te geven, te beheren en mee te beslissen over hun toekomst.

Want de ervaring van de bewonersinitiatieven laat zien dat betekenisvolle plekken nog te vaak afhankelijk zijn van incidentele betrokkenheid, terwijl financiële en ruimtelijke belangen structureel zwaarder wegen. Daarom is het tijd om de uitgangspunten van Faro ook juridisch sterker te verankeren.

Een belangrijke stap daarin is de ontwikkeling van een Wet op Gemeenschapsplekken. Deze wet vertrekt vanuit een eenvoudige vraag: wat als gemeenschappen zelf kunnen bepalen welke plekken van betekenis zijn voor hun buurt? Niet de marktwaarde alleen, maar ook de maatschappelijke waarde van een (ontmoetings)plek moet meewegen in besluiten over gebruik, beheer en verkoop.

Door bewoners een sterkere positie te geven in de besluitvorming over deze plekken, ontstaat erfgoed dat breder wordt gedragen en beter aansluit bij de waarden van het Verdrag van Faro. Zo verschuift erfgoed van iets waarover wordt besloten naar iets dat gezamenlijk wordt vormgegeven.

Als het aan de bewoners ligt, beginnen we daar vandaag mee.

Gemeenschapsmonument

Benieuwd naar de ideeën van actieve bewoners?
Lees hier meer over de Wet op Gemeenschapsplekken.

Wet op gemeenschapsplekken