Toen Stichting Hotel Buiten bij de gemeente Amsterdam aanklopte voor verlenging van hun grondhuurovereenkomst aan de Sloterplas, leek dat een logische stap. Het strandpaviljoen van de stichting was de afgelopen jaren uitgegroeid tot een betekenisvolle ontmoetingsplek. Toch kreeg het initiatief nul op het rekest. De reden? Het Didam-arrest. De gemeente zou de plek opnieuw openbaar moeten aanbesteden.
Hotel Buiten staat hierin niet alleen. Sinds het Didam-arrest in 2021 door de Hoge Raad is gewezen, is het voor bewonersinitiatieven steeds moeilijker om hun buurtruimte te behouden. Hoe zorgde de stichting ervoor dat de gemeente toch overstag ging en wat kunnen bewonersinitiatieven hiervan leren?
Hotel Buiten staat hierin niet alleen. Sinds het Didam-arrest in 2021 door de Hoge Raad is gewezen, is het voor bewonersinitiatieven steeds moeilijker om hun buurtruimte te behouden. Hoe zorgde de stichting ervoor dat de gemeente toch overstag ging en wat kunnen bewonersinitiatieven hiervan leren?
Op een braakliggend terrein aan de Sloterplas in Amsterdam namen buurtgenoten in 2012 het initiatief om de omgeving nieuw leven in te blazen. De buurt was de overlast die de verlaten plek veroorzaakte zat. ‘We begonnen simpel, met een zelf aangelegde skatebaan en een buurtwerkplaats’, vertelt Han van Veldhuisen, secretaris van Stichting Hotel Buiten. ‘De overlast verdween en al snel zagen we meer potentie.’ In diezelfde periode kwam een aantal jonge ontwerpers en kwartiermakers met het idee voor Hotel Buiten, een strandpaviljoen voor buurtbewoners en andere Amsterdammers. De buurt omarmde het idee en met behulp van crowdfunding haalde het initiatief geld op om de bouw van de ontmoetingsplek te bekostigen.
Inmiddels is Hotel Buiten uitgegroeid tot een horecaplek met een sterke sociale functie. De stichting verhuurt het gebouw, dat is vervaardigd uit zeecontainers, aan een horeca-ondernemer en gebruikt de inkomsten voor wijkactiviteiten. ‘We hebben een inloopcafé voor mensen met dementie en eenzame buurtgenoten en organiseren regelmatig culturele activiteiten, zoals de live-talkshow Buitengasten en de Nieuwjaarsduik Sloterplas.’
Voor het beheer van de plek had de stichting in 2016 een tijdelijke grondhuurovereenkomst van tien jaar afgesloten met Stadsdeel Nieuw-West. Dit paste binnen de gemeentelijke plannen. ‘De gemeente werkte nog met een oud bestemmingsplan waarin horeca niet toegestaan was’, legt Van Veldhuisen uit. ‘Dat plan zou volgens afspraak worden aangepast, waardoor uiteindelijk een verlenging van vijf jaar mogelijk was, passend bij de maximale termijn van vijftien jaar voor tijdelijke gebouwen.’ Twee jaar voor het einde van het contract vroeg de stichting om verlenging, maar het stadsdeel wees het verzoek af. Volgens de gemeente moest de grond opnieuw openbaar worden aanbesteed, vanwege het Didam-arrest: overheden moeten bij de verkoop van onroerend goed gelijke kansen bieden aan potentiële gegadigden. De één-op-één gunning waar de stichting op had gehoopt, werd zo tegengehouden, ondanks eerdere afspraken.
Sinds het Didam-arrest in 2021 door de Hoge Raad is gewezen, houdt het de gemoederen flink bezig. Want, als een openbare selectieprocedure de hoofdregel is, welke kansen zijn er dan voor bewonersinitiatieven die hun buurtruimte willen behouden of overnemen? Stichting Hotel Buiten besloot zelf onderzoek te doen en wat blijkt? Het arrest hoeft geen belemmering te zijn. Er is een uitzonderingsgrond. Met behulp van Katalys schakelde de stichting jurist Paul Heijnsbroek in. ‘Het stadsdeel dacht reguliere horeca-ondernemers een kans te moeten bieden, maar gemeenten hebben beleidsvrijheid’, legt Heijnsbroek uit. ‘Als je als gemeente een doel hebt, bijvoorbeeld een buurtinitiatief laten floreren op een bepaalde plek, dan dwingt het Didam-arrest je niet om commerciële ondernemers een kans te bieden. Het enige waartoe het arrest je dwingt is een goede onderbouwing voor een partij als enige gegadigde. In dit geval is het niet al te moeilijk: het initiatief is maatschappelijk verankerd in de wijk.’
Wil je als bewonersinitiatief een buurtruimte overnemen, dan is juridische kennis dus onmisbaar. Maar ook steun uit de omgeving is nodig. De stichting koos voor een bredere strategie om het stadsdeelbestuur te overtuigen. Naast een petitie die massaal werd ondertekend, zocht de stichting contact met politieke partijen in de stadsdeelcommissie. De commissie, die een adviserende rol heeft, was verrast over de gang van zaken. Esther Tienstra van Stadsdeelcommissie Nieuw-West vertelt: ‘Hotel Buiten is meer dan horeca. Het is een plek die zorgt voor sociale cohesie. Door de coronaperiode hebben ze hun financiële doelstellingen niet kunnen halen; de eerste uitbater ging failliet, waardoor ze veel kosten hebben gehad. Het niet verlengen van de vergunning zou het faillissement van een bewonersinitiatief kunnen betekenen. Dat signaal wilden we niet afgeven.’
Samen met de stichting en hun achterban wist de commissie in drie commissievergaderingen het stadsdeelbestuur ervan te overtuigen dat Hotel Buiten meer is dan een restaurant. Van Veldhuisen: ‘De publieke tribune zat vol en er waren negen insprekers die hun steun betuigden. Van de overbuurvrouw tot een bezoekster van het eerste uur, uit de queergemeenschap. Hiermee lieten we zien wat ons initiatief betekent voor de buurt. Veel konden we ook feitelijk onderbouwen. Bovendien is ons verhaal meerdere keren in de media verschenen.’
Maatschappelijke druk, gecombineerd met juridisch advies, overtuigde het stadsdeelbestuur uiteindelijk om de vergunning met vijf jaar te verlengen. De casus laat zien dat het Didam-arrest bewonersinitiatieven niet buitenspel zet. De uitdaging ligt vooral in het zichtbaar maken van hun rol in de stad. Houd hierbij de volgende tips in gedachten: