Ontmoetingswerkplaats de JoJo is niet alleen een plek voor workshops, reparatie en een goede kop koffie. Het is een zorgzame gemeenschap waar mensen naar elkaar omkijken. Het is ook de plek waar bewoners van Sassenheim naartoe komen in geval van nood. En juist daarom, zegt initiatiefnemer Lisa de Blok, zijn ze bijna vanzelf ook een weerbare gemeenschap geworden. Want een buurt die in gewone tijden voor elkaar zorgt, staat er in een crisis ook.
Wie de JoJo binnenstapt, komt terecht in een lange gang met deuren aan weerszijden, en achter elke deur gebeurt iets anders. Rechts gloort het kantoor, waar oprichters Lisa en Daan en de vrijwilligers de boel draaiende houden. Links klinkt gezaag uit de houtwerkplaats, verderop passeer je het Repair Café, de fietsenwerkplaats, en de weggeefwinkel. En dan sta je in de woonkamer, waar meteen een vrijwilliger een kopje koffie voor je inschenkt. Al snel wordt duidelijk: deze plek is het kloppend hart van de buurt, waar niemand vreemd is.
“Wij repareren niet alleen stofzuigers maar ook mensen”, zegt Lisa. “En de gemeenschap.” Het klinkt grappig, en zo brengt ze het ook, maar ze meent het. Wat begon als werkplaats, is nu een ontmoetingsplek en vangnet. Bewoners brengen iets mee: hun vakmanschap, hun tijd, een luisterend oor. Iedereen is welkom, en iedereen heeft iets te geven. En wie iets geeft, krijgt iets terug: een plek om bezig te zijn, het gevoel ertoe te doen, mensen om zich heen. Geven voelt hier als krijgen. En zo ontstaan er bruggen tussen mensen die elkaar anders nooit zouden treffen.
Fotograaf: Michael Echteld
Die bruggen lopen ook tussen bewoners en instanties. Neem het armoedenetwerk. Dat begon toen wethouder Elsbeth Koek op een dag kwam afwassen bij de JoJo, om dichter bij de bewoners te komen. Ze schrok van de verhalen, van alle nood die eigenlijk niemand goed in beeld had. Samen begonnen ze een appgroep, inmiddels ruim dertig mensen sterk: de wethouder, de Rotary, de voedselbank, de kledingbank, iedereen die iets kan betekenen. Zo bereikt een melding meteen de juiste persoon. Iets wat de gemeente zelf niet voor elkaar zou krijgen, omdat de privacyregels immers voorschrijven dat er geen gegevens worden gedeeld. Ook niet van mensen die hulp nodig hebben.
De JoJo heeft geen lijstjes nodig, want zij kénnen die mensen gewoon. Verderop in het dorp raakt de zuurstoffles van een oudere bewoner bijna leeg. Binnen vijf minuten weet de JoJo het. Rijdt er een ambulance een straat in? Enkele minuten later weten ze voor wie, en vaak ook waarom. Lisa noemt het de dorpstamtam. Elke buurt heeft zijn eigen ogen en oren: de buurvrouw die alles ziet, de man die iedereen kent, de tante die overal van weet. “Mensen vertrouwen ons met wat ze weten, en zo brengen wij het bij de juiste persoon.” Zo’n netwerk koop je niet, en opleggen van bovenaf kan al helemaal niet. Een gemeenschap die haar mensen zo goed kent, staat er ook in geval van nood.
Fotograaf: Michael Echteld
Inmiddels is de JoJo een van de landelijke pilotplekken voor noodsteunpunten. Zo oefenen ze samen met de veiligheidsregio en het crisisteam van de gemeente. Lisa’s uitgangspunt is glashelder: maak van “weerbare gemeenschap” alsjeblieft geen apart project. Het gaat vanzelf. Raakt iemand in psychische nood, dan vormt zich een klein team eromheen. Moet iemand na een scheiding halsoverkop het huis uit, dan staan er handen klaar. Niemand heeft dat afgesproken of ingeroosterd, het gebeurt gewoon. En juist die vanzelfsprekendheid zegt alles: hier kent iedereen elkaar. Dit is de sociale infrastructuur waar het om draait, en die je in een crisis niet ineens uit de grond stampt.
De gemeente zag dat vrijwilligers uit eigen zak bijsprongen en vroeg zich af of dat wel gezond was. Lisa begrijpt de vraag. Maar als het erop aankomt, zegt ze, “je zegt toch geen nee tegen iemand in nood die geen toegang heeft tot hulp”. Tegelijk let ze erop dat het niet doorslaat: “in eerdere situaties blusten wij brandjes zonder blusmiddelen”. En dat schuurt soms. Durven zeggen “dit kunnen wij niet” is ook een vorm van kracht.
Grenzen kennen betekent bij de JoJo trouwens niet afwachten, eerder het tegenovergestelde. Toen de gemeente vond dat het nog te vroeg was om aan de slag te gaan met weerbaarheid, zag Lisa dat er vanuit de gemeenschap wel behoefte aan was. Daarom nodigde ze de gemeente op eigen initiatief uit voor een rondetafelgesprek..
Wat nog wél moet gebeuren, is oefenen. Wat doet de buurt als de stroom drie dagen wegvalt? Wie repareert, wie deelt uit, wie houdt het overzicht? Daar zit het knelpunt, niet in de bereidheid maar in de rolverdeling. Dit werd ook duidelijk tijdens een oefening toen opeens via een Porto binnenkwam dat er straks voedselpakketten zouden komen. “Toen ontstond onrust, willen we dat wel? Zijn we daar wel van?” De afspraken daarover moeten gemaakt zijn en daar werken ze aan met veiligheidsregio en crisisteam. En dan zijn er ook nog andere concrete dingen die kunnen bijdragen aan veerkracht, bijvoorbeeld de stroomvoorziening zelf: de JoJo droomt van zonnepanelen en zoutaccu’s, zodat de plek een klap kan opvangen als het net het begeeft.
Voor nu houden ze het licht. Lisa weet uit ervaring dat je het ook onder erbarmelijke omstandigheden nog hartstikke gezellig kunt hebben. “Zolang er geen bom valt en er geen gewonden zijn, maak je er met elkaar gewoon iets moois van.” Daar ligt de kracht van de JoJo: een gemeenschap die elkaar in gewone tijden kent, is het best voorbereid op de tijden die ongewoon zijn.