• Standpunt

Geen energietransitie zonder bewoners

LSA staat voor een bewonersgedreven energietransitie. De overgang naar een andere manier van het verwarmen van je huis raakt iedere inwoner van Nederland. Of je nu aanpassingen aan je eigen woning doet, via je verhuurder meebetaalt of juist lang blijft zitten met een slecht geïsoleerde woning. Bewonersgedreven betekent voor ons dat bewoners mede invloed moeten hebben op prioriteiten, keuzes en tempo van de wijk voor wijk aanpak.

Wat willen we bereiken

Bewoners zijn een partij bij de energietransitie. Maar om een partner te kunnen zijn bij deze belangrijk omwenteling, zijn er drie accentverschuivingen in het denken nodig:

1. De energietransitie is een sociale opgave

Soms kun je het idee krijgen dat de energietransitie niet meer is dan een, extreem grootschalige, technische operatie. Maar het is vooral een sociale opdracht. Je moet mensen meekrijgen, enthousiast maken, aanzetten tot moeilijke beslissingen, maar ook tot collectief meedenken en handelen.

2. De is energietransitie is een rechtvaardigheidsopgave

De kosten voor de energietransitie zijn geschat op 1,5 tot 3,5 miljard per jaar tot 2030. Zondermeer een aanzienlijk bedrag. De grote vraag is wie deze kosten gaat dragen. Een ander aspect van deze discussie gaat over de rechtvaardige verdeling van de lasten. Juist in kwetsbare wijken vraagt de energietransitie om extra ondersteuning. Niet alleen om het te laten slagen, maar ook om het een bijdrage te laten leveren aan de maatschappelijke ontwikkeling van de stad. Zo kan de energietransitie een vliegwiel zijn voor wijkontwikkeling in brede zin.

3. De energietransitie is een collectieve opgave

De energietransitie lijkt nu vooral de zaak van het individu. Voorlichting en subsidies zijn vooral gericht op individuele huishoudens. Wij vinden dat collectief initiatief zou moeten worden gestimuleerd en dat het leveren van ondersteuning meer nadruk zou moeten krijgen.

Het bovenstaande maakt duidelijk dat bewoners bij het nadenken over en invulling geven aan de energietransitie lokaal aan tafel moeten zitten. Daar waar ze direct geraakt worden, moeten ze meepraten, -beslissen en -doen. Het rechtvaardigheidsargument maakt het extra belangrijk dat we hier in kwetsbare wijken aandacht aan besteden. En dat deze weken meer dan evenredig meeprofiteren van de investeringen die er gedaan gaan worden.

Wat deden we tot nu toe

Vanaf het begin zetten wij in op een bewonersgedreven energietransitie. We zijn daarin het meest effectief in samenwerking met anderen.

  • 2018 – Visie en stappenplan bewonersgedreven energietransitie

    Onderzoeker en maatschappelijk ondernemer Maurice Specht schreef op ons verzoek de visie op een bewonersgedreven energietranisitie inclusief stappenplan. Dit vormde de basis voor verdere activiteiten.

  • 2019 – Krachten bundelen in de Participatiecoalitie

    In 2019 richtten we met vijf partijen de Participatiecoalitie op. De Participatiecoalitie bestaat uit vijf maatschappelijke organisaties van, voor en door bewoners: klimaatstichting HIER, de Natuur en Milieufederaties, Energie Samen, LSA bewoners en Stichting Buurkracht. Zij weten wat er lokaal speelt en kunnen zo de slagingskans van energieprojecten in gemeente of regio’s vergroten.

    Om de afspraken uit het Klimaatakkoord te kunnen realiseren, tekenden we als Participatiecoalitie een samenwerkingsovereenkomst met de ministeries van Binnenlandse Zaken en Economische Zaken én formuleerden we een gezamenlijke missie: een maatschappelijk gedragen én natuurinclusieve energietransitie, waarbij bewoners als een volwaardig partij samenwerken met overheden en marktpartijen.

  • 2022 – Inzet van lokale kracht

    Voor ondersteuning kunnen bewonersinitiatieven, gemeenten en regio’s terecht bij de Participatiecoalitie. De Participatiecoalitie heeft in 2022 al 120 gemeenten en bewonersinitiatieven samengebracht en ondersteunt bij de overgang naar aardgasvrije wijken. Om die samenwerken te vergemakkelijken hebben we een samenwerkingsovereenkomst ontwikkeld. Binnen deze samenwerkingsovereenkomst spreken alle lokale samenwerkingspartners af hoe ze de komende jaren samenwerken.

Waar staan we nu

Het belang van een bewonersgedreven energietransitie wordt inmiddels ook door de overheid gezien. Het Overlegorgaan Fysieke Leefomgeving (OFL) adviseerde daarom onder andere om ruim baan te geven aan bewonersinitiatieven bij de energietransitie. En ook de minister voor Volkshuisvesting en Ruimtelijke Ordening gaf aan de Participatiecoalitie te steunen in het begeleiden van bewonersinitiatieven die zich inzetten voor de energietransitie. Om onze standpunten uit te dragen en beleid te beïnvloeden overleggen we met landelijke partijen. Dat doen we vooral vanuit de Participatiecoalitie. We spraken onder andere met de ministeries binnenlandse en economische zaken, het Nationaal Programma Regionale Energietransitie, het Nationaal Programma Lokale Warmte, de VNG, en andere organisaties.

Wat gaan we nog doen

De energietransitie gaat inmiddels een nieuwe fase in: de fase van de uitvoering. Zo gaan gemeentes voor 2030 aan de slag met de startwijken vanuit hun transitievisies warmte en worden de eerste wijken bij wijze van proef van het aardgas afgekoppeld. We verwachten dat veel meer bewoners het heft in handen willen nemen met collectieve, coöperatieve warmte bij de eigen energiebuurtplannen. Dat betekent dat er meer diverse vormen van ondersteuning nodig zijn, waarbij sommige initiatieven langdurig of meer begeleiding vereisen dan andere. De jaren naar 2030 moeten daarom gebruikt worden voor het ontwikkelen van een maatwerk voor bewonersinitiatieven.

De grootste uitdaging in deze transitie ligt echter in het zogeheten achter de voordeur komen. Veel bewoners willen wel verduurzamen, maar weten vaak niet hoe. Ze kijken ook op tegen het gedoe. Bovendien worden energiebedrijven en lokale overheden op dit onderwerp maar beperkt vertrouwd. Daarom is de rol van bewonersinitiatieven bij de energietransitie zo belangrijk. Want omwonenden, directe buren en dorpsgenoten genieten veel meer vertrouwen.

Gerelateerd