Elke gemeente, provincie en waterschap moet ‘m voor 1 januari 2027 hebben: de participatieverordening. In deze verordening staan de spelregels voor participatie en dan specifiek voor de voorbereiding, uitvoering en evaluatie van beleid.
Tot 1 januari 2025 was in artikel 150 van de Gemeentewet geregeld dat de gemeenteraad een verordening vast moet stellen die regels bevat over de wijze waarop bewoners inspraak hadden. Vanaf 1 januari 2025 is dit uitgebreid. Het gaat dan niet meer alleen om het betrekken van bewoners bij de voorbereiding van gemeentelijk beleid, maar ook om het betrekken van bewoners bij de uitvoering en evaluatie van gemeentelijk beleid.
Dit betekent dat in de participatieverordening ook regels moeten staan over hoe de gemeente in concrete projecten van de gemeente met inwoners samenwerkt (uitvoering) en ook hoe bewoners bij de beoordeling worden betrokken (evaluatie). Daarnaast moeten gemeenten in de verordening verplicht opnemen hoe ze het uitdaagrecht gaan toepassen binnen de gemeente en de voorwaarden waaraan een uitdaging moet voldoen. Bekijk hier de implementatiehandleiding van de VNG.
Gemeenten zijn vrij om te bepalen hoe de invulling van de participatieverordening eruit gaat zien.
De gedachte is dat de participatieverordening vastlegt welke spelregels er binnen de gemeente gelden voor de samenwerking tussen inwoners en de gemeente. En dat de gemeente aan de hand van de lokale omstandigheden zelf kiest welke spelregels het beste passen.
Wat er precies in zo’n verordening moet staan is dus aan de gemeente (of andere overheid) om te bepalen. Met een onderwerp als deze, mag je verwachten dat dit participatief en dus samen met bewoners gebeurt. Sommige gemeenten hebben de gewoonte om deze verordeningen heel gedetailleerd en met allerlei instrumenten te vullen. Anderen doen dit op hoofdlijnen en maken een verwijzing naar beleid. Kijk hier voor voorbeelden van verordeningen van andere gemeenten.
Alle gemeenten moeten in de participatieverordening regels opnemen over hoe zij invulling geven aan het uitdaagrecht. Ook deze regels mogen gemeenten voor het grootste deel zelf bepalen. Wel moet elke gemeente vastleggen onder welke voorwaarden inwoners taken kunnen overnemen en ook hoe verzoeken voor het uitdaagrecht worden behandeld. In de voorbeeldverordening die de Vereniging voor Nederlandse Gemeenten heeft gemaakt staan regels voor hoe verzoeken worden behandeld en beoordeeld, over afspraken tijdens de uitvoering en hoe indieners van een verzoek ondersteund worden.
Ga met je gemeente in gesprek over de invulling van de participatieverordening. Hoewel het een juridisch document is kan de gemeente samen met inwoners bepalen hoe deze eruit ziet en wat er beslist in moet. Ook dat is een mooie manier om je stem te laten horen en mee te beslissen over de toekomst van participatie in jouw gemeente!
Betrek actieve bewoners bij het opstellen van de participatieverordening. Het is heel leerzaam en waarschijnlijk ook effectief om samen te beslissen over wat er in moet komen en de mate van details. Als je in een vroeg stadium in gesprek gaat met elkaar, heb je de grootste kans dat de verordening uiteindelijk ook goed werkbaar is in de praktijk. Wil je meer lezen over hoe je goed kan leren samenwerken met bewonerscollectieven? Bekijk dan de Handleiding Overheidsparticipatie die eind 2025 door VNG werd gepubliceerd.