Buurt als werkgever – Bewonersbedrijf van en voor de buurt

  • Het bewonersbedrijf, naar Brits voorbeeld gerund door buurtbewoners, begint wortel te schieten in Nederlandse arme wijken. Bewoners nemen zelf het heft in handen om hun buurten sociaal en economisch vooruit te helpen. Zonder winstoogmerk: verdiensten gaan direct terug de wijk in.

    Vindplaats: Trouw 06/01/16- auteur WILMA VAN METEREN

     

    Officieel zijn er inmiddels twaalf van deze ondernemingen. Maar meer bewonersgroepen doen hetzelfde, zonder dit label, zegt het Landelijk Samenwerkingsverband Actieve bewoners (LSA). Het ziet ook hun aantal en de interesse toenemen.

    Ze zijn er in allerlei soorten en maten en houden zich met van alles bezig waar de buurt beter van wordt: van afval- en groenbeheer, inzameling van tweedehands spullen, boodschappen- en taxidiensten tot schuldhulp en voedselbanken. Ze runnen wijkcentra met goedkope catering, moestuinen en soms een heel flatgebouw, zoals bewonersbedrijf Malburgen in Arnhem doet. Voor de meeste initiatieven is buurtbewoners aan werk helpen corebusiness.

    Winst is voor de wijk. Buren aan werk helpen is corebusiness, maar UWV is te star.

    De bedrijven hebben potentie, concluderen onderzoekers van de TU Delft, waar drie jaar lang de ontwikkelingen op de voet zijn gevolgd. “Maar het is vallen en opstaan.” Ze verdienen volgens hen meer ruimte en steun. Ze lijken de wind mee te hebben, nu de participatiesamenleving en burgerinitiatieven politiek in de mode zijn. In de praktijk botsen ze hard met gemeenten en regels. Dat geeft frustraties en belemmert de ontwikkeling.

    Bestuurders, ambtenaren en professionals lijden volgens de onderzoekers aan koudwatervrees. Ze zijn niet altijd overtuigd van het welslagen en de opbrengst van door bewoners zelf geleide ondernemingen. Die staan onder grote druk om hun meerwaarde te bewijzen, schetst onderzoeksleider Reinout Kleinhans.

    Het zou lonen daarvoor een methode te zoeken, want ook in een wijkeconomie zijn cijfers belangrijk. “Met een traditionele rekenmethode kom je er niet uit. Dan blijven kleine zaken onder de radar die voor de leefbaarheid en de ontwikkeling in buurten juist veel betekenen.” Leegstand in gebouwen voorkomen en daar economische activiteiten ontplooien, kan volgens hem best profijt opleveren. En niet te vergeten: de taken die ze soms van de overheid overnemen.

    Bij de onderzoekers is wel begrip voor terughoudendheid. Financieel staan de bewonersbedrijven er niet sterk voor. Er is er maar één (Malburgen) die winst maakt, door verhuur. Bij Heechterp-Schieringen in Leeuwarden – de armste wijk van Nederland, waar armoedebestrijding het speerpunt is – is het sappelen.

    Een kracht – bevlogenheid – en tegelijkertijd achilleshiel is dat de bedrijven grotendeels steunen op vrijwilligers. Die moeten zich voor langere tijd binden en worden begeleid. Koffieschenken is snel te leren, maar werkzaamheden coördineren en administreren is van een andere orde. De wens om juist werklozen een kans te geven, maakt het complex. De regels voor de bijstand en bij het UWV, bedoeld om fraude te voorkomen, schieten door, vindt Kleinhans. Er is souplesse nodig ‘om iets te regelen’, en vrijwilligersvergoedingen.

    “Er wordt soms smalend gedaan over het belang van deze bedrijven”, zegt de onderzoeksleider. “Maar het is niet alleen gezelligheid. Deze bewoners pakken zaken op die andere instanties laten liggen, en zoeken zelf naar oplossingen. Dat is toch de kant die we op moeten om de positie van mensen te verbeteren.”

    Het LSA pleit voor buurtrechten die de zeggenschap van bewoners versterken. Minister Plasterk (binnenlandse zaken) lijkt daar wel voor te voelen. Hij wil nieuwe samenwerkingsvormen tussen bewoners en gemeenten stimuleren, liet hij de Tweede Kamer onlangs weten.

    Afgekeken van de Britten

    Heel kort was hij minister van wonen en wijken, maar Piet Hein Donner gaf in die periode (juni 2011) wel zijn steun aan de oprichting van bewonersbedrijven die de leefbaarheid van buurten en dorpen zouden kunnen verbeteren. Al was het maar omdat de staat op dat moment minder in kas had.

    Een andere CDA-prominent, Wim Deetman, en het Landelijk Samenwerkingsverband Actieve Bewoners (LSA) bepleitten op hetzelfde moment meer aandacht te schenken aan de economische ontwikkeling in wijken. “Mensen moeten niet alleen kunnen wonen, maar ook kunnen werken”, zei Deetman. Hij vond bovendien dat burgers in achterstandwijken meer zeggenschap moesten krijgen.

    Inspiratiebron waren de ‘Big Society’ van de Britse premier David Cameron en de development trusts, waarin de buurt optreedt als lokale werkgever en de wijkeconomie aanjaagt. Er zijn in Groot-Brittannië inmiddels zo’n vijfhonderd van deze wijkondernemingen.

  • Meer van onze leden

    Stichting Tevreden

    Stichting Tevreden

    • Deventer

    Stichting Tevreden bestaat uit betrokken Deventenaren die van elke Deventenaar een Tevreden Deventenaar willen ...

    Lees meer >
    Wijkbedrijf Selwerd

    Wijkbedrijf Selwerd

    • Groningen

    Wijkbedrijf Selwerd is een BewonersBedrijf in Groningen waarin bewoners zelf de regie nemen om de wijk beter en ...

    Lees meer >
    MidWest

    MidWest

    • Amsterdam

    Coop MidWest is een verzamelplek in de Amsterdamse Baarsjes. Bottum-up bedacht, uitgewerkt en tot stand gekomen door ...

    Lees meer >