“Wees rebels en optimistisch” – 6 lessen over het beheer van buurthuizen

  • Bewonersinitiatieven die net van start zijn, barsten van energie, ideeën en support uit de omgeving. Mensen sluiten zich graag aan, je kunt vaak aanspraak maken op een starterssubsidie en je initiatief is nieuw. Daardoor trekt het ook makkelijk de aandacht. Maar hoe pak je het aan ná die pioniersfase? We delen zes lessen over het zelfbeheer van buurthuizen.

    1. Blijf open en de verbinding zoeken met partners in de wijk

    Zorg dat je als initiatief open blijft en de verbinding blijft zoeken met partners in de wijk. Dat was het advies van Koos Mirck (LVvK). Waarom is dit zo belangrijk? Dorpsbewoners die een buurthuis (gaan) overnemen, weten heel goed wat nodig is en welke behoeften er zijn in het dorp of de buurt. Dit komt omdat er in de oprichtingsfase en aanloop naar de totstandkoming van het buurthuis veel gebrainstormd wordt met buurtbewoners, ambtenaren en allerlei betrokkenen. Het is belangrijk dat je deze houding vasthoudt.

    Concrete tips

    Dorpshuizen die te veel naar binnen gekeerd zijn verliezen op termijn de verbinding met andere bewoners en partners. Daardoor verdwijnt het draagvlak voor het buurthuis waar zo veel tijd en energie in is gaan zitten. Concrete tips om dit te voorkomen zijn bijvoorbeeld:

    • verhuur een ruimte aan het sociale wijkteam
    • zorg voor toegankelijke activiteiten
    • organiseer een open maaltijden voor het hele dorp/wijk
    • houd een nieuwsreceptie
    • koppel een borrel voor de ouders aan activiteiten voor hun kinderen.

    Een wat meer strategische aanpak op de langere termijn is het maken van een dorpsvisie waarin je dorpshuis een belangrijk anker is. Ontwikkel deze visie niet alleen, maar samen met de dorpsraad of ander lokale vertegenwoordigers.

    2. Maak van je fysieke ruimte een ontmoetingsplek voor de buurt

    Het is natuurlijk geweldig als je ruimte een levendige ontmoetingsplek wordt voor buurt. Maar hoe zorg je daarvoor? Maurice Specht gaf een aantal tips om je op weg te helpen. Allereerst is het belangrijk dat je ruimte duidelijke en ruime openingstijden heeft zodat bezoekers niet voor een dichte deur staan. Daarnaast is goede sfeer heel belangrijk. Zorg bijvoorbeeld voor een kopje koffie of thee met een goede gastheer of -vrouw. De bezoekers voelen zich daardoor sneller welkom en komen daardoor vaker en sneller terug.

    ‘Voorstandsvoorziening’

    In je buurthuis help je veel buurtbewoners vooruit en ontwikkelen vrijwilligers zich op persoonlijk en professioneel vlak. Je plek is dan geen achterstandsvoorziening maar een ‘voorstandsvoorziening’ waar vrijwilligers en bezoekers trots op kunnen zijn.nieuwe) vrijwilligers zich op hun plek voelen? Een van de adviezen: geef ze niet meteen een concrete taak omdat die nu eenmaal al maanden op je lijstje stond. Vraag in plaats daarvan hoe een vrijwilliger zelf denkt zich nuttig te kunnen (en willen!) maken voor de ontmoetingsplek.

    Door zo’n aanpak richt je je op wat vrijwilligers leuk vinden en waar ze goed in zijn. Hierdoor voelen vrijwilligers zich verbonden met de plek waar ze zich voor inzetten. Dat zorgt er weer voor dat ze vol trots vertellen over de ontmoetingsplek in de buurt wat weer voor meer bekendheid en draagvlak in de wijk zorgt.

    3. Blijf informeel en behoud ruimte voor nieuwe ideeën

    Het is belangrijk om informeel te blijven samenwerken met elkaar. Als je het initiatief formeler maakt, in bijvoorbeeld een stichting met een bestuur, bestaat de kans dat vrijwilligers of bestuursleden naar elkaar gaan wijzen. Het is belangrijk dat iedereen een bijdrage levert aan het initiatief.

    Betaalde kracht?

    Denk goed na over de vraag of je een betaalde kracht in dienst wilt nemen om taken zoals het maken van rooster of dagelijks beheer over te nemen. Het voordeel van een betaalde kracht is dat die de vrijwilligers kan ontlasten. Maar wat je óók ziet bij initiatieven, is dat er veel op het bordje van de betaalde kracht terecht komt en te weinig tijd heeft om al deze taken te  kunnen uitvoeren. Ook is het voor een betaalde kracht lastig om werkzaamheden over te nemen die eerst door vrijwilligers werden gedaan omdat zij veel eigenaarschap voelen. Hierdoor kan het voor betaalde krachten lastig zijn om een goede positie te krijgen in het initiatief.

    4. Bepaal je positie ten opzichte van de instituties en dans met ze

    Maurice Specht is kritisch over een al te innige samenwerking met (lokale) overheden. Als bewonersinitiatief heb je namelijk altijd te maken met het publieke domein. Hierbij is belangrijk dat je hier een goede positie inneemt en soms gepaste afstand houdt. Als je  bijvoorbeeld subsidie krijgt van overheden moet je vaak ook aan hun beleid eisen voldoen. Als de overheid ander beleid krijgt, betekent dat voor je initiatief vaak een aanpassing in jouw beleid. Dat heeft soms als consequentie dat je verder van je oorspronkelijke doelen komt te staan. Maar soms is de overheid ook nodig om dingen samen te realiseren. Als je als initiatief taken van het welzijnswerk overneemt wordt de relatie lastiger. Bewonersgroepen zijn soms een concurrent van zorgaanbieders, omdat ze ook zorgtaken vrijwillig uitvoeren. Besef dus goed met welke partners je als initiatief wilt samenwerken want aan een ‘danspartner’ zit je langere tijd vast.

    5. Neem de ‘filosofie van rust’ als uitgangspunt

    Voor alle initiatieven, maar vooral voor initiatieven die vastgoed beheren is een stabiele financiële basis nodig. Dit is een uitgangspunt waar nog veel meer aandacht voor moet komen bij zowel de fondsen, gemeenten en andere financiers. Door het creëren van financiële rust kunnen initiatieven zich veel beter richten op hun kernactiviteiten. Hier moeten ook door het alle betrokken zoals gemeenten, provincies, fondsen en  woningbouwcoöperaties nog stappen in worden gezet zoals het langdurig ondersteunen van initiatieven die in de beginfase al veel hebben bereikt.

    6. Wees rebels én optimistisch

    De belangrijkste en laatste bouwsteen die Maurice Specht meegaf is een houding: wees rebels en wees optimistisch! We moeten laten zien dat het anders kan en anders moet. Je moet anders durven denken en op een andere manier dingen willen inrichten in je wijk of buurt. Het rebelse helpt als eigenschap om een positie te verwerven in het speelveld en het optimisme steunt je als initiatiefnemer om ook na de onvermijdelijke tegenslagen met energie door te kunnen blijven gaan.


    Dit is een verslag van de LSA-bijeenkomst over zelfbeheer van bewonersinitiatieven zoals buurthuizen. We delen ook graag de presentaties van sprekers met jullie:

    Als je meer over dit onderwerp wil weten, kun je ook het boekje Beheer je Buurthuis- LSA downloaden. Wat zijn de obstakels waar ondernemende buurthuizen tegenaan lopen? We spraken met bewoners over de grootste uitdagingen van zelfbeheer en zij deelden hun ervaringen. 
  • Meer van onze leden

    Vereniging van Wijkeigenaren Regentes / Valkenbos,   Wij Weimar

    Vereniging van Wijkeigenaren Regentes / Valkenbos, Wij Weimar

    WijWeimar wil meehelpen de Weimarstraat en omgeving te verbeteren, want zij vinden dat de straat en de buurt wel een ...

    Lees meer >
    De Flatmakers Rode Kruislaan

    De Flatmakers Rode Kruislaan

    Naar aanleiding van een gezamenlijk initiatief van de gemeente Diemen, Rochdale, de Huurdersvereniging en het bureau ...

    Lees meer >
    Stichting Lokaal

    Stichting Lokaal

    Stichting Lokaal wil bouwen aan een inclusieve samenleving door het creëren en ondersteunen van levendige, gastvrije ...

    Lees meer >