De digitale democratie in coronatijd, wat zijn de consequenties? (1)

  • Gemeenteraden komen niet meer bij elkaar, de raadszalen zijn gesloten. Participatietrajecten zijn gestopt en inspraakavonden afgezegd. De Kamer nam als reactie op de coronacrisis een spoedwet aan, waardoor digitale beraadslaging en besluitvorming nu mogelijk is. In het kort: gemeenteraden, provincies en waterschappen mogen online vergaderen en besluiten als dat echt nodig is. Maar wat betekent dit nu precies en hoe werkt dat? Tijdens een bijeenkomst met actieve bewoners, medewerkers van gemeenten en andere geïnteresseerden werd kennis en ervaring uitgewisseld.

    Marije van den Berg werkt als onderzoeker, adviseur en spreker op het gebied van (lokale) democratie. Vanuit deze rol heeft ze onlangs een interview geven op BNR over de nieuwe spoedwet die is aangenomen door de Tweede-Kamer om digitaal vergaderen mogelijk te maken. Marije denkt dat actieve bewoners scherp in de gaten moeten houden wat deze wet voor hen betekent. “Voluit luidt de wet: Tijdelijke Wet Beraadslagen en Besluiten. De Tweede Kamer zoomt vooral in op het laatste aspect: de besluitvorming. Daarbij komen allerlei spannende procedures kijken met koeriers, inschrijfformulieren en stembriefjes. Maar voor de meeste actieve bewoners is het eerste aspect ‘digitaal beraadslagen’ veel interessanter. Te meer omdat er vanuit de politiek bijna geen aandacht is voor de manier waarop inspraak vorm krijgt in die digitale vergaderingen. De wet is natuurlijk nog maar kortgeleden ingevoerd, maar ik heb in ieder geval vanuit mijn eigen stad Leiden gehoord, dat het niet vanzelf goed komt met online participatie en inspraak.”

    Hoeveel inspraak willen we?

    Wanneer vinden we eigenlijk dat de online inspraak en participatie goed geregeld is? Dat is een vraag die Marije ook wil stellen. Vinden we het voldoende als we het woord krijgen tijdens een digitale vergadering? Of vinden we dat we het woord moeten krijgen én dat daar vervolgens ook iets mee wordt gedaan? En hoe zit het met de samenwerkingen die de gemeente is aangegaan? Er is misschien al een werkgroep of een klankbordgroep van bewoners in het leven geroepen. Zet de gemeente die samenwerking online voort? Wordt de klankbordgroep geraadpleegd? Of worden besluiten er nu ook doorheen gejast zonder overleg?

    Vanuit de Tweede Kamer zijn 87 spoedprocedures gestart, waar nu snel besluiten over worden genomen. Marije vraagt zich af of er actieve bewoners zijn die eenzelfde beweging op lokaal niveau zien. Kort samengevat, stelt ze de volgende vragen:

      • Hoe gaat jouw gemeente om met deze noodwet?
      • Vindt het gesprek nog plaats? Wordt het uitgesteld?
      • Wie zitten aan tafel?
      • Hoe kunnen we het democratisch peil toch bewaken?
      • Hoe voorkomen we dat belangrijke besluitvorming zonder fatsoenlijke beraadslaging kan plaatsvinden?

    Besluitvorming per postduif

    Bob Maas heeft vanuit zijn rol als procesmanager bij het Amsterdams Klimaatakkoord onderzoek gedaan naar de manier waarop hij in deze tijd in gesprek met de wijk kan blijven. Welke onderwerpen kunnen we doorschuiven? Welke gesprekken moeten we wel aangaan? En welke middelen of welke mix van middelen moeten we dan inzetten? Hij ziet dat gemeenteraden deze vragen snel proberen te beantwoorden. En met een goede regie komen ze een heel eind met online vergaderen.

    Hij constateert ook dat het inspreken in Amsterdam nog schriftelijk gaat. Je moet een briefje mailen. Dus er is geen interactie; een raadslid of raadcommissielid kan geen vragen stellen. In ieder geval niet in de vergadering. Besluitvorming gaat nog per postduif. Dit gaat ten koste van het proces en de interactie, aldus Bob.

    Durf te experimenteren

    Bob denkt dat er genoeg creatieve oplossingen kunnen worden verzonnen om de communicatie sneller te laten verlopen. Mensen kunnen misschien een videoboodschap inspreken. Of ze kunnen via een belverbinding contact maken om in te spreken. Of er kan een soort babbelbox in het stadhuis worden geplaatst, waar mensen die thuis geen digitale middelen hebben een videoboodschap kunnen inspreken.

    Er zijn in ieder geval genoeg digitale middelen, zegt Bob. Zo is er het platform Popdat, waar het overkoepelend orgaan van burgemeesters, the Global Parlement of Majors, mee stemt. Je moet die tools ook durven gebruiken. Volgens Bob is dit bij uitstek een tijd waarin je kunt experimenteren. En straks – als we elkaar weer in levenden lijve kunnen ontmoeten – kunnen we een goede mix van online en offlinemiddelen aanbieden. Denk in de toekomst bijvoorbeeld aan een informatiebijeenkomst waar je ter plekke kunt komen, maar die je ook kunt volgen via een livestream. Zo kunnen mensen die niet kunnen reizen, omdat ze hun kind om zeven uur ’s avonds in bed moeten stoppen, toch meediscussiëren via een chatkanaal.

    In hoeverre het ambtelijk apparaat belasten?

    Esther Tienstra is lid van de stadsdeelcommissie in Amsterdam Nieuw-West. Ze vertelt dat zij en haar collega’s aan het begin van de coronacrisis eerst de vraag hebben gesteld óf ze wel zouden vergaderen. De redenering daarachter is dat ze het ambtelijk apparaat zo min mogelijk willen belasten, omdat dat de handen vol heeft aan het beteugelen van de crisis. Maar aan de andere kant: een democratisch politiek orgaan moet toch om de zoveel tijd bij elkaar komen. Daarom gaat de stadsdeelcommissie de komende vergadering doen via een videochat, waarbij bewoners kunnen inloggen en inspreken.

    Hoe bereik je mensen zonder digitale middelen?

    Esther vreest wel dat je grote groepen mensen op deze manier niet bereikt. “Er zijn veel mensen die het geld niet hebben voor online middelen, of die niet weten hoe het werkt. Je moet je afvragen hoe je die wel bereikt.”

    Bob Maas is ervan overtuigd dat mensen die de raad en de stadsdeelcommissies al vóór de coronacrisis konden vinden, deze nu ook vinden – zeker met alle online registraties die er zijn. “Er zijn bovendien ook veel mensen die vanuit huis werken en zich wel moéten verdiepen in allerlei digitale middelen en toepassingen. Dat is de enige manier waarop ze kunnen blijven communiceren. En nu blijken ze digitaal toch vaardiger dan ze van zichzelf dachten. Je ziet dan ook dat de digitale kennis en kunde, zowel bij de jeugd als bij ouderen, nu toeneemt. Maar je moet niet de illusie hebben dat je iedereen kunt bereiken. De mensen die geen interesse in politiek en bestuurlijke kwesties hebben, krijgen dat niet nu opeens wel.”

    Zorgen over gebrek aan transparantie

    De inspraak mag dan wel op allerlei manieren mogelijk zijn, diverse actieve bewoners en medewerkers van de gemeente maken zich zorgen over gebrek aan transparantie van de procedures. Marije van den Berg constateert bijvoorbeeld dat er nauwelijks overleg is vanuit de gemeente met bewoners of belanghebbenden over welke onderwerpen wel en welke niet in aanmerking komen voor een digitale bespreking.

    Mara van Waveren van Stichting Lobby Lokaal denkt er net zo over. Door ondoorzichtige procedures kunnen bewoners moeilijk volgen op welk moment bepaalde beslissingen worden genomen. “De processen doorlopen normaal altijd eenzelfde systeem, zodat je weet wanneer het nuttig is om van je te laten horen of met een raadslid in gesprek te gaan. Nu is dat veel moeilijker te volgen,” denkt Mara.

    Pluim voor gemeente Hilversum

    Er zijn behalve zorgen, ook positieve geluiden over de transparantie van gemeentelijke inspraakprocedures. Aernoud Olde, initiatiefnemer van Hilversum Verbonden en van energie-coöperatie HilverZon is erg te spreken over de communicatie van de gemeente Hilversum.

    Aernoud: “Ik ben zelf niet op de vergadering geweest, maar er stond al heel lang een heikel punt op de agenda: het sluiten van een nogal belangrijke spoorwegovergang, waar al decennia gedoe over is. De gemeente Hilversum heeft het doorgezet om daarover te spreken in commissie. Vooraf heeft zij een heel helder artikel in de lokale krant gezet over de manier waarop mensen konden meepraten. Ze konden schriftelijk reageren. Maar in het raadshuis was ook een aparte ruimte waar mensen tijdens de vergadering met steeds maximaal drie mensen hun woordje konden doen.”

    Middelen om te blijven participeren

    Tot nu toe ging het gesprek vooral over inspraakprocedures. Participatietrajecten verlopen weer anders. Zijn er goede voorbeelden van middelen die je kunt inzetten rondom participatie?

    Veel actieve bewoners zijn zoekende. Elly Rijnierse is actief in Den Haag op het gebied van de energietransitie in de wijk Mariahoeve. Het stedelijk energieplan gaat in april naar het college, dan is het de bedoeling dat er in de stad over gediscussieerd wordt. Hoe? Iemand van het stadsdeelkantoor stelde voor om twee-minuten-interviews te doen in de wijk. Of dat in gang wordt gezet, is nog maar de vraag. Ondertussen gaat het proces door. Na de discussie gaat het plan hoe dan ook naar de raad voor goedkeuring.

    De ambtenaren lopen voorop

    Vincent van Stipdonk, raadgever en redacteur te Delft, houdt de vinger aan de pols bij aardgasvrije wijken, waar veel contracten en participatieprocessen lopen. Hij vindt het opvallend dat er veel meer beweging is op ambtelijk niveau dan bij de gemeenteraden. De gemeenteraad bepaalt zelf waarmee ze naar buiten treedt. De ambtenaren houden online contact met alle partijen. Maar die zijn het ook meer gewend om veel in dialoog te zijn met bewoners en weten in de wijk wat sneller hun weg te vinden.

    Dijkgesprekken in Delfzijl

    Het positieve geluid komt ditmaal uit Delfzijl. Daar lijken participerende bewoners en de gemeente elkaar in ieder geval niet uit het oog te verliezen. In Delfzijl worden in verband met aardbevingsschade vijfhonderd woningen gesloopt. De bewoners krijgen op andere plekken een woning terug. De kopers en huurders van de woningen die worden gesloopt, hebben zich verenigd in een platform. Ze hebben een convenant opgesteld met de gemeente en de woningcorporaties, waarin hun rol en positie behoorlijk stevig is vastgelegd. Op basis daarvan heeft de gemeente een goede werkafspraak gemaakt met de bewoners.

    Edwin Broekman, gebiedsregisseur in de gemeente Delfzijl is nauw betrokken bij dit proces. Toen de coronacrisis uitbrak, heeft hij de bewoners gevraagd hoe ze contact wilden houden. De gemeente gaat namelijk in een behoorlijk tempo door met de plannen. Tot zijn verbazing voelden weinig bewoners voor video-vergaderingen. Nu communiceert de gemeente Delfzijl veelal middels de mail. Soms zit er in de mail een video of een tool om stukken rond te sturen waarbij is aangeven binnen welke termijn men kan reageren. Maar Edwin houdt soms ook zogenaamde ‘dijkgesprekken’. Bij Delfszijl loopt een lange dijk, waarover je kunt wandelen. Edwin: “Op 1,5 meter afstand proberen we dan toch met elkaar in contact te blijven.”

    Lees nog een blog: Participatie en belangenbehartiging in coronatijd, hoe pak je dat aan?

    Tips van deelnemers: Ben je op zoek naar meer voorbeelden van online participeren? Platform31 deelde deze link met ons. Liesbeth Van de Wetering wees ons op het participatiewerkboek. Jasper Neyssen deelde een interessant webinar.

    We hebben een pdf gemaakt zodat je ook allebei de blogs over (digitale) participatie in coronatijden in een keer kunt lezen en/of uitprinten.

    Ik ontvang graag de LSA-nieuwsbrief

  • Meer van onze leden

    Bewonersorganisatie Beijum

    Bewonersorganisatie Beijum

    Bewonersorganisatie Beijum (BOB) in de stad Groningen wil samen met zoveel mogelijk bewoners en andere betrokkenen ...

    Lees meer >
    Dorpscoöperatie Gerkesklooster Stroobos

    Dorpscoöperatie Gerkesklooster Stroobos

    Dorpscoöperatie Gerkesklooster-Stroobos heeft een generatiehuis opgericht in het voormalige schoolgebouw van het ...

    Lees meer >
    Hart voor de K-buurt

    Hart voor de K-buurt

    In Amsterdam Zuidoost Samen is een brede coalitie van Amsterdammers uit de K-buurt (metrostation Kraaiennest) ...

    Lees meer >