5 lessen voor community building in post-coronatijden

  • In werkelijk alle buurten, dorpen en straten zie je onderlinge hulp, hartverwarmende acties en initiatieven, creatieve ideeën om met elkaar in contact te kunnen blijven. Ja, de al bestaande buurtkracht explodeerde de afgelopen weken. 5 lessen voor community building in post-coronatijden om die verbondenheid en solidariteit vast te houden.

    Teddy-beren op het journaal

    Iedereen is koortsachtig bezig om de ellende van corona in te dammen en de nieuwe werkelijkheid van corona bij te benen. Het virus vraagt een onvoorstelbaar groot aanpassingsvermogen. Op gezondheids, medisch, politiek, sociaal, mentaal, emotioneel, economisch niveau. Mensen uit alle hoeken van de samenleving zijn bezig met het ontwikkelen van nieuwe ideeën en  initiatieven. Elke dag popt er weer een vindingrijke vondst op die gisteren nog niet bestond. Die je niet voor mogelijk had gehouden vóór het coronatijdperk. Bijvoorbeeld dat Bavaria nu desinfectiespray maakt in plaats van bier. Dat er opeens teddy-beertjes voorkomen in het NOS journaal.  Dat sofasinging het nieuwe couchsurfing is geworden. Van Balkonaria’s kijkt niemand meer van op en The Happy Activist draait overuren.

    Degenen die tot nu toe dachten dat de participatiemaatschappij niet voor alle buurten of mensen is weggelegd, worden nu gelogenstraft.

    In werkelijk alle buurten, dorpen en straten zie je onderlinge hulp en solidariteit, hartverwarmende acties en initiatieven, creatieve ideeën om met elkaar in contact te kunnen blijven. Degenen die tot nu toe dachten dat de participatiemaatschappij niet voor alle buurten of mensen is weggelegd, worden nu gelogenstraft. De meeste mensen deugen en wc-papier hamsteraars zijn niet in de meerderheid. Deze tijden zijn het stellige bewijs van de uitspraak van Margreet Wheatley “Whatever the problem, community is the answer.” Als er één les getrokken kan worden uit deze crisistijd, dan is het wel dat er altijd en overal de kracht van gemeenschappen latent aanwezig is.

    Een nieuwe buurtcultuur?

    Als buurtmaker en community builder ben ik zelf ook heel druk met allerlei initiatieven waarmee we onze gemeenschap proberen corona-proef te maken, elkaar een hart onder de riem te steken en waarmee we meer mensen leren kennen en meer relaties en vriendschappen opbouwen. Fysieke afstand, sociale nabijheid, dat is de vlag waarmee we als community bouwers in de hele wereld aan de slag zijn. ‘On land’ en ‘Online’.

    Iedereen waardeert wat er nu gebeurt aan initiatieven, saamhorigheid en onderlinge solidariteit. Aanjagers van buiten de buurten zijn op dit moment nauwelijks nodig. Geen van de initiatieven in dorpen en steden is misbaar. Overal letten mensen erop dat niemand buiten de boot valt. Buren leren elkaar opeens kennen, vinden het heel normaal dat ze elkaar helpen, bij elkaar aankloppen, dat je om hulp kunt vragen en dat aanbiedt.

    Explosie van gemeenschapskracht

    Is dat voor zo lang de coronacrisis duurt? Of blijft daar iets van over als we elkaar weer mogen zien, huggen en ons ‘gewone leven’ weer mogen oppakken? En – nog een slag dieper – is dat ‘gewone leven’ er een zonder de vanzelfsprekendheid van corona-compassie en solidariteit? Bijvoorbeeld bestaat het ‘Back to normal’ straks uit het individuele buurtleven met zo nu en dan een Buurt-BBQ, een Hallo bij de supermarkt en de bekende buurtmakers die al voor de crisis actief waren? Of is er een beweging op gang gekomen die een nieuwe buurtcultuur van empathie, kleine contacten en meer emotionele nabijheid inluidt?

    Of is er een beweging op gang gekomen die een nieuwe buurtcultuur van empathie, kleine contacten en meer emotionele nabijheid inluidt?

    Voor degenen van ons die er zelf als community builders in staan (van buiten of binnen een buurt) dringt zich de vraag op: wat kunnen wij eraan bijdragen om van deze explosie aan gemeenschapskracht het Nieuwe Normaal voor buurten en straten te maken, voor straks, na de coronacrisis?

    Omdat mij dit de laatste weken bezighoudt, heb ik mijn eerste gedachten daarover en een aantal van mijn persoonlijke corona-lessen voor community building in post-coronatijden op een rijtje gezet.

    1. De straat en gemeenschapskracht 

    Wat zijn de niveaus van verandering en vernieuwing in deze tijden?

    Vóór corona werd voornamelijk gepraat over gebiedsgericht werken, een hele wijk, en in uitzonderingsgevallen de buurt en de straat. In coronatijden is duidelijk geworden dat verandering begint in de straat, de buurt. De meeste hulp- en burenacties die tot meer onderlinge contacten leiden, beginnen heel klein met een vonk. Iemand heeft een idee en anderen sluiten aan. Kijk naar de berenactie die veel mensen, jong en oud met elkaar verbindt, blij maakt en die hele buurten verandert in een spannend berenbos.  Onderzoeker Kees Fortuin uit Utrecht zei dit onlangs ook in een zoomsessie van Krachtproef: er gebeurt iets mondiaal en het antwoord daarop ligt op het niveau van de straat.

    “Er gebeurt iets mondiaal en het antwoord daarop ligt op het niveau van de straat.”

    Want nu is de verbondenheid met dorp en straat en buurtleven groter dan ooit. Het omzien naar elkaar, het meeleven met elkaar. In Italië is er een heel systeem ontstaan: per (huizen)blok een blokhoofd. Buurtmakers die al actief waren voor corona ervaren een soort business as usual (buurtmaker Mieke uit Hilversum), maar dan 10 keer intensiever. Deze burenacties, het hernieuwde gemeenschapsleven, kunnen als één van de pijlers van het landelijke crisismanagement genoemd worden. Want zonder deze bewonersacties op buurt- en straatniveau zou het leven in isolatie voor veel mensen moordend zijn.

    Premier Rutte bedankte ons in zijn toespraak van 31 maart voor de discipline van alle Nederlanders waarmee fysieke afstand in acht wordt genomen en iedereen zich aan de regels houdt. Ik denk dat het voor de volgende toespraak belangrijk is dat hij ook alle Nederlanders bedankt die bijdragen aan de nieuwe gemeenschapskracht, die samen  hulpacties organiseren en naar elkaar omkijken. Hoe meer sociale nabijheid, hoe sterker we deze tijd doorkomen. Of we corona enigszins gezond doorstaan, is dus niet alleen afhankelijk van de manier waarmee we onszelf beschermen, maar ook hoe we er als buren mee omgaan.

    Vasthouden in post-coronatijdperk

    Wat ik zou willen vasthouden voor het post-coronatijdperk is de blik op het straatniveau, als niveau van verandering en vernieuwing, als start voor meer gemeenschapskracht. En ik pleit ervoor dat gemeenschapskracht erkend wordt als één van de pijlers waarmee we crisissen het hoofd kunnen bieden. Niet alleen op (inter)nationaal niveau in de vorm van samenwerking tussen wetenschappers, medici, politici etc, maar juist ook op buurt- en straatniveau. Het wordt tijdens de crisis aangewakkerd door een gezamenlijke ‘vijand’, maar het is al latent aanwezig.

    Corona-les nr. 1: de straat, de buurt als centrum van veerkracht, vernieuwing en gemeenschapskracht als middel om crisissen het hoofd te bieden

    2. Nu het coronavirus. En morgen? 

    Voor degenen die al actief waren in hun buurt/straat/dorp, verschilt nu vooral de vorm hoe en de intensiteit waarmee ze dat doen. Dat zie je overal. Mensen die samen een buurthuis runnen, zorgen er nu op andere manieren voor dat ze elkaar niet uit het oog verliezen, elkaar helpen, en het leuk hebben met elkaar. Het lukt hen zelfs om bepaalde activiteiten op een andere manier door te laten gaan, van bingo tot online samen eten, van taart- en soepexpress tot samen muziek maken, het organiseren van online taalles tot democratische zoomsessies om buurtissues te bespreken.

    Het gaat erom dat je elkaar als gemeenschap ook in crisistijden niet kwijtraakt.

    Maar door deze dingen als corona-(hulp)acties te labelen, lijkt het alsof we het iets is dat we alleen nu, in de coronacrisis, doen. Terwijl dat natuurlijk niet het geval is. De activiteiten veranderen, het samen doen en in verbinding zijn blijft. Het gaat erom dat je elkaar als gemeenschap ook in crisistijden niet kwijtraakt. Of het nou corona is of iets anders dat ons aanpassingsvermogen uitdaagt. Zonder gemeenschap ben je verloren, dat blijkt nu meer dan ooit. In crisistijden blijkt ook hoe stevig en veerkrachtig je gemeenschap is. En ook of er een open en solidaire cultuur is, waarmee je ook anderen een hand kunt reiken en de eigen kring groter kunt maken.

    In feite gaat het niet zozeer om de vorm van de activiteit, maar dat de activiteiten eraan bijdragen dat mensen tot hun recht kunnen komen, van betekenis kunnen zijn en ergens bij horen.

    Corona-les nr. 2: Laten we bij de corona-initiatieven in de buurten die nu ontstaan (zijn), meer kijken welke betekenis ze hebben voor onze gemeenschap. Welke bijeffecten hebben ze voor kleine burencontacten en het gemeenschapsgevoel in een straat? En welke daarvan willen we niet meer kwijt als corona het land uit is?

    Taartexpress

    We zien dat bij het organiseren van onze TaartExpress in ons dorp, waar we eens in de twee weken zo’n  150 zelfgebakken stukjes taart bij mensen thuis bezorgen, samen met een kaartje en een lieve groet. Natuurlijk is het de bedoeling om iemand met een lekker stukje taart op te beuren. Maar het is ook een manier om met elkaar in contact te blijven en onze onderlinge band als buurtmakers en buren te versterken en iets voor elkaar te kunnen betekenen. En om  te horen hoe het met de ander is, wat zij/hij graag zou willen doen, nodig heeft, kwijt wil. Wat we vervolgens weer met elkaar delen.  

     

    3. Efficiënte hulpplatforms of burenhulp?

    Overal zie je nu hulpplatforms uit de grond schieten. Belangrijk. En bijna overal zie je dat het aantal helpers het tienvoudige bedraagt t.o.v. het aantal hulpvragen. Zoals community builder Mirja Kruit uit Rotterdam laatst vertelde over een Rotterdams hulpplatform: 400 aanmeldingen van hulpaanbieders en 30 hulpvragen. Zo ook bij mij in Baarn: 100 helpers, 1 hulpvraag. Prachtig, dat zoveel mensen iets willen betekenen voor anderen, solidair en uit zijn op meer zingeving.

    Wat het lage aantal hulpvragen betreft, vraag je je af of dat nou ontstaat door ‘vraagverlegenheid’ of door andere redenen.  Er zijn mensen die acute praktische hulp nodig hebben en er zijn mensen die behoefte hebben aan vertrouwd contact, een praatje, even aandacht, hart luchten. Mijn ervaring is dat deze behoefte vele malen groter is dan de vraag om praktische hulp. En dat juist deze behoefte voor veel mensen die willen helpen, moeilijker is om te vervullen. De meeste willen graag iets praktisch doen, boodschappen, hond uitlaten. De andere behoefte vraagt om een verbinding vanuit je hart. Om regelmaat, een vaste prik, het opbouwen van een band en vaak ook om je inlaten met mensen die anders zijn dan jezelf. Als je dat doet, dan komt de praktische hulpvraag op een gegeven moment vanzelf naar boven.

    Bij gebrek aan persoonlijke contacten maken mensen met de behoefte aan een luisterend oor gebruik van luisterlijnen en praattelefoons. Terwijl we daar heel eenvoudig met z’n allen als buren iets aan kunnen doen. Door gewoon vanaf morgen in onze eigen straat contact te leggen met degenen die we nog niet kennen, of mensen van wie we vermoeden dat ze niet echt iemand hebben voor een dagelijks praatje. En met mensen die misschien zelf ook niet makkelijk zijn of die we niet meteen tot onze vriendengroep rekenen. Zij vallen als eerste buiten de boot.

    Contacten met buren zijn van mens tot mens, niet efficiënt

    Als community builder zou je je aandacht op persoonlijke contacten als begin van nieuwe buurtgemeenschappen kunnen richten in plaats van op het perfectioneren van hulpdiensten. En erop focussen om mensen in een buurt met elkaar in contact te brengen. Want hulpdiensten in coronatijd zijn een service in tijden van nood. Functioneel worden er matches gemaakt tussen vraag en aanbod. Zij stoppen als de coronacrisis ophoudt. Contacten met buren zijn van mens tot mens, niet efficiënt, maar persoonlijk en zij gaan wel door in post-coronatijden.

    Corona-les nr. 3: in coronatijd en post-coronatijd meer persoonlijke contacten in straten op gang brengen, gericht op nieuwe verbindingen in  de buurtgemeenschap. Voor meer crisisbestendigheid en tegen toenemende eenzaamheid in buurten.

    4. Make friends before you need them

    Wat ons deze coronacrisis ook leert, is dat door bestaande communities veel sneller dingen op gang kunnen komen. Op zich een open deur. Make friends before you need them. Het is makkelijker om vrienden en bekenden iets te vragen, dan een volstrekt onbekende. En bestaande gemeenschappen kunnen veel sneller een beroep doen op alle kwaliteiten en talenten omdat die in beeld zijn. Mensen met goede ideeën krijgen sneller volgers en deelnemers. Hulpacties komen makkelijker op gang. Mits je mensen persoonlijk daarvoor uitnodigt!

    Bestaande gemeenschappen kunnen veel sneller een beroep doen op alle kwaliteiten en talenten omdat die in beeld zijn

    Maar in de praktijk van alledag – en ook in crisistijden zoals deze – zie je dat werk maken van buurtverbindingen en het op gang brengen en onderhouden van gemeenschapskracht vaak het onderspit delven ten opzichte van probleem- en doelgroepgerichte interventies en individuele hulpverlening

    Corona-les nr. 4: werk ook in ‘vredestijden’ aan gemeenschapsversterking vanuit persoonlijke contacten. En investeer in gemeenschapsversterking met als doel veerkrachtige levendige en open communities. Doe dat als buurtmakers, professionals, als corporaties en gemeenten.

    5. De rol van community builders in coronatijden  

    Als community builder ben je in deze tijden niet alleen uit op het bieden van individuele hulp, maar juist op het op gang brengen en ondersteunen van collectieve onderlinge hulp en nieuwe burencontacten. Bij alles wat je doet. Want je doel is om het sociale weefsel in de buurten te versterken en dat er nieuwe relaties, vriendschappen en gemeenschappen in straten en buurten ontstaan. Bij community builders van buiten de buurt die dat nastreven, zie ik dat ze:

    • zich juist niet terugtrekken, maar de straat op gaan, contact maken en houden met allerlei bewoners, die zich mengen in de gemeenschappen, aanspreekbaar zijn.
    • waar mogelijk aanvullend, als gatenvuller werken, zoals opbouwwerker Katinka van Versa Welzijn Hilversum het zo mooi zegt en op die manier initiatieven een steuntje in de rug bieden;
    • dichtbij de bewonerscollectieven en verbinders blijven die ze kennen. Bijv. in bestaande en nieuwe appgroepen, in telefonische contacten en contacten op straat. Met de boodschap: ‘Ik ben er, als jullie mij nodig hebben’;
    • extra oog hebben voor mensen die uit de boot dreigen te vallen;
    • hun bestaande relaties in de buurt benutten om mensen met goede ideeën te koppelen aan andere mensen uit de buurt en de opkomende initiatieven waar nodig te ondersteunen.

    Corona-les nr. 5: Eigenlijk is het werk van een community builder in coronatijden ‘business as usual’. Net als van de rest van Nederland vraagt het van ons een enorme elasticiteit, maar ja, dat hebben community builders als het goed is toch al in zich.

    Diepe verbondenheid en solidariteit

    Ik geloof niet dat de huidige onderlinge hulp en aandacht voor elkaar net zo intensief door blijven gaan in het post-coronatijdperk, hoe dat er dan ook uit ziet. Maar ik weet zeker dat gemeenschapskracht, -initiatieven en –centra in buurten dan harder nodig zijn dan ooit, gezien de sociale gevolgen van de crisis waar we mee te maken zullen krijgen.

    En ik denk ook dat de ervaring van wederzijdse afhankelijkheid, het voelen van de diepe verbondenheid en solidariteit en het besef van de enorme kracht van gemeenschappen in buurten en straten na corona door blijft werken. Dat vraagt straks – als er geen ‘gezamenlijke vijand’ meer is – van gemeenten, corporaties en sociaal-maatschappelijke organisaties meeveren met ‘Het Nieuwe Normaal’. Namelijk een veel sterkere focus op community-based werken, een besef van de onuitputtelijke verander- en veerkracht van buurtgemeenschappen en hun initiatieven en investeringen in de inzet van community builders en de sociale infrastructuren van bewoners zelf.

    Birgit Oelkers, april 2020 – www.planenaanpak.nl

    Op 2 april hebben opbouwwerkers van VersaWelzijn op initiatief van Houriya Harrane en Sandra Zamir samen met buurtmakers uit drie verschillende buurten in een zoomsessie uitgewisseld over hun praktijken, hun samenwerking en wat ze aan elkaar hebben. En 19 maart heeft Krachtproef een zoomsessie georganiseerd met opbouwwerkers over hun werk in de coronacrisis. De inzichten uit beide sessies waren input voor deze reeks. 

    Lees ook Birgit Oelkers’ blog over een ”radicaal andere benadering” van wijkaanpak. 

    Ik ontvang graag de LSA-nieuwsbrief

    Normaal schrijven we er één per maand, maar met oog op de coronacrisis brengen we de komende weken vaker nieuws, artikelen met tips en voorbeelden en uitnodigingen voor online bijeenkomsten.

  • Meer van onze leden

    Bewonerscommissie Eigen Haard

    Bewonerscommissie Eigen Haard

    Bewonerscommissie Eigen Haard behartigt de belangen van alle bewoners in de wooncomplexen voor senioren Koornhorst ...

    Lees meer >
    Kracht van Zuilen

    Kracht van Zuilen

    Stichting Kracht van Zuilen is een bewonersinitiatief in Utrecht. De Stichting werkt aan ontmoeting, verbinding, ...

    Lees meer >
    Wijkcommissie Het Gegraaf

    Wijkcommissie Het Gegraaf

    Wijkcommissie Het Gegraaf in Valkenswaard  is van en voor bewoners. De wijkcommissie is ook formeel aanspreekpunt ...

    Lees meer >