U bent hier:
In 1990 richtte het Landelijk Centrum Opbouwwerk (LCO) een samenwerkingsverband op van beroepskrachten die in achterstandwijken werkten. Het verband bestond met name uit wijkambtenaren en opbouwwerkers. Het doel was kennis en ervaringuitwisseling. Destijds kwam er ook voor het eerst een op specifieke wijken gericht rijksbeleid ter bestrijding van maatschappelijke achterstand. Dit heette het Probleem Cumulatiegebieden Beleid (PCG).
Door de blijvende aandacht van de politiek (en de media) voor deze problemen werden steeds nieuwe beleidsvormen ontwikkeld en uitgevoerd met steeds verschillende accenten. Na PCG kwam Sociale Vernieuwing dat zich op alle gemeenten van Nederland richtte, gevolgd door het Grotestedenbeleid dat zich beperkte tot een aantal steden en daarbinnen bepaalde wijken. Het heette geen achterstandsbeleid meer, maar Stedelijke Vernieuwing. Toch was de rode draad de aandacht voor specifieke wijken en het terugdringen van maatschappelijke achterstand van inwoners van wijken waar veel maatschappelijke problematiek voorkwam. Met het Krachtwijkenbeleid dat in 2007 in gang werd gezet, lijkt de cirkel voorlopig rond; men concentreert de aandacht en de middelen op een beperkt aantal wijken. Het doel is verbetering van de maatschappelijke positie van de bewoners van deze wijken.
Het LSA is na de beginjaren geleidelijk omgevormd van een platform van professionals naar een platform van bewoners en hun organisaties. Dit gebeurde omdat het duidelijk was dat daar behoefte aan was. Er kwam voor beroepskrachten een steeds groter aanbod van uitwisseling van kennis en ervaring (waaronder conferenties en kenniscentra). Voor bewoners waren er nauwelijks mogelijkheden om aan voor hen relevante informatie en kennis te komen.
Door de jaren heen groeide tevens het inzicht dat zonder de betrokkenheid van bewoners van de plannen tot wijkverbetering weinig terecht zou komen. In het begin beperkte de samenwerking tussen bewoners zich tot enkele steden, later sloten steeds meer bewoners uit grote steden zich aan, totdat de meeste van de 31 grote steden waren aangesloten.
Het LSA werd in de beginjaren door het Landelijk Centrum Opbouwwerk (LCO) met 1 formatieplaats ondersteund en door het ministerie van BZK met een activiteitenbudget. Toen in 2002 de subsidiënt van het LCO (het ministerie van VWS) begon met bezuinigingen en gedwongen fusies, vonden de bewoners van het LSA dat de tijd rijp was om zich los te maken van het LCO. Hoewel je zou denken dat verzelfstandiging toch een van de belangrijkste opgaven is van het opbouwwerk, ging dat niet zonder slag of stoot. Uiteindelijk werd na veel strijd en onder druk van de Tweede Kamer de verzelfstandiging in 2004 gerealiseerd. Het LSA vertrok meteen uit Den Haag richting Utrecht vanwege de centrale ligging voor de achterban.
Copyright © 2011 LSA Bewoners | Door Internetbureau i-Aspect
LSA Oudkerkhof 13b, 3512 GH Utrecht, tel. 030-2317511